Ik vraag het aan Uganda

Zoveel vragen. Zoveel wat ik hier niet begrijp. Zoveel mensen die ik niet snap. Zoveel gebruiken zo vaag.

De vraag is bij mij blijven hangen hoe het leven er in de Bush aan toe gaat. Na een Hell of a ride naar de village, het dorp, ben ik hier vorige keer door tijdsgebrek maar 1 uurtje gebleven. Om antwoorden te vinden op mijn vragen  gaan we naar de village, ik en Emma.

Let’s go back to basic.

De ochtend begint met het vinden van een geschikte Matatu.

We kiezen voor een lege matatu waarbij we ons oog hebben laten vallen op een plekje achterin. Met de hoop hier het minste risico te lopen om aangedrukt te worden zodat er niet op een 3 persoons bankje 5 mensen komen te zitten. Ik weet nu wat me wat te wachten staat met deze rit. Denk ik. Maar in Afrika weet je het nooit. Het duurt en het duurt. Er stappen wat mensen in en gaan zitten. Ze kijken om zich heen en besluiten toch deze matatu maar weer te verlaten. Fijn. Want we vertrekken pas als het blik vol is. Maar voordat ik het weet en zonder dat ik het snap komen al de eerdere verlaters terug en stappen ze massaal in. Tassen en rugzakken moeten op schoot en knieën in je nek. Nu iedereen zit wordt er begonnen aan het verdere inpak werk van deze matatu. Ook al is er nauwelijks laadruimte of iets wat wat je mag betitelen als een kofferbak, toch gaan hier een aantal stuks gevulde kartonnen dozen in, en een paar zakken rijst van 100 kilo. Ze proppen en duwen mijn stoel komt een halve meter naar voren, inclusief ook ikzelf. Zodra de achterklep dicht valt is er al besloten om niet te gaan proberen deze te laten sluiten. De motor start en we draaien de overdrukke taxi-markt-plaats af.

Al rijdend wordt er nog iets dat op het dak ligt vastgebonden met een touw die ,driemaal in mijn gezicht beland omdat ik precies bij het open raampje zit. Op hoop van zegen blijft deze matatu rijden omdat we zo goed als door de vering zakken. De deur gaat weer open, een jongen kijkt rond en denkt er nog wel in te passen gezien wij met zijn drieën zitten, in zijn ogen kunnen dit er best vier worden. De man naast ons, de derde persoon is niet direct gecharmeerd van het plan en gaat in onderhandeling. Het loopt goed af, niet voor ons, maar wel voor de jongen die graag mee wou want hij propt zich tussen ons in. Dus blijkbaar ook al ga je op de achterste rij zitten, er wordt je geen garantie verleend.

We rijden verder en ik hoor een geitje mekkeren, ik hoop dat deze niet op het dak is gebonden.

We hobbelen en tuffen de heuvels af en op. Mijn ingewanden lijken niet meer op hun oorspronkelijke plek te zitten door het gerammel over de weg en ik zie groen van misselijkheid. Ik leg mijn voorhoofd op de achterkant van de stoel tegenover mij. Een uur later mag ik eindelijk uitstappen in Kamuli met een rode vlek op mijn voorhoofd.

Het lot moest zo zijn dat mijn Boda chauffeur precies diezelfde was als de vorige keer die ons het laatste stuk van Kamuli naar Kibuye brengt. We zagen donkere lucht aan komen, na twee weken paradijselijke zon te hebben gehad, vreesde ik nu voor regen. Waar het nu echt niet het geschikte moment voor was, gezien we een uur over een oranje zandweg moeten afleggen. Die regen had ik zo geen zin in. Als het hier regent dan ontstaan er hele rivieren. En ik heb geen regenlaarzen.

We waren met de Boda Boda sneller ter plaatse dan ik durfde te hopen. En het is droog gebleven. Maar mijn gebeden zijn niet serieus genomen want na nog geen half uur in het dorp te zijn barste het los. We zijn snel onze hut met rietendak ingedoken. Het dorp bestaat uit een aantal , stuk of tien, rondje huisjes van stenen met een rieten punt dak. De binnenkant is zo groot als 2 eenpersoonsbedden. Deze huisje staan niet in een cirkel maar ook niet echt onlogisch opgesteld. Direct naast de huisjes staan een school.

We hadden goede plannen voor deze middag. Een Canadese volunteer wou vandaag een workshop op de aanwezige school geven aan de meiden over hun ‘ period’. De tijd verstreek en het bleek dat de klas ineens in een toets zat. Dus bleven we in onze hut, met onze 2 bedden, wat inmiddels al vertrouwd aanvoelde.

De rest van de dag was heel spannend. Ik lag vanonder mijn klamboe uit het mini deurtje van mijn nieuwe verblijf naar buiten te staren. Kippen stonden te schuilen voor de regen en kwamen uiteindelijk ook onze deuropening in beslag nemen. Dus staarde ik de rest van de middag naar deze kippen die zich tegoed deden aan mijn overgebleven zoete aardappel.

Toen de avond viel werden we geroepen voor het avond eten. Buiten was het niet donker maar zwart. We gingen buiten op stoelen zitten die bij een tafeltje stond. ‘Zij’ zat op de grond voor haar huis eten te maken en op te scheppen. Ik kreeg matoke. Een banaansoort die pas na uren koken eetbaar is. En er zat rijst bij en bruine bonen. Door haar kookkunsten was het heerlijk. Toen mijn bord leeg was heb ik een poos naar boven zitten staren. Ontelbaar veel sterren waren er te zien. Het was prachtig.

At the end

Het is me een belevenis maar zouden al mijn vragen beantwoord zijn? Weet je, als ik geen vragen zou hebben waarvoor ik opzoek moet gaan naar de antwoorden, dan zou deze wereld waar ik aankomende tijd leef maar half zo interessant zijn.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s